Kruiden

Peper is een onmisbaar onderdeel in de Thaise keuken. Om de smaak van de gerechten niet alleen te laten bepalen door de pittige verse pepers, worden meestal ook verse kruiden, zoals citroengras, verse mint en limoen gebruikt.

 

Baai horapaa: Dit kruid (Sweet basil) heeft een, anijsachtige smaak. De blaadjes zijn groter, ronder en groener dan van baai kra prow. Het wordt gebruikt in roerbakgerechten, waarin gebruik wordt gemaakt van currypasta's. 
 

 

Baai kra prow: Thais basilkruid lijkt veel op de 'sweet basil' maar heeft smallere, roodpaarse blaadjes. Bovendien is de smaak mintachtig. De blaadjes van dit kruid worden vooral gebruikt als smaakmaker in vrij scherpe gerechten, zoals roergebakken garnalen of gehakt vlees met basilicum en rode pepers. De basilicum wordt heel kort door het gerecht heen geschept. Op deze manier blijft de smaak het beste bewaard. 
 

 

Kga is de wortel van de galanga. Het is familie van de gemberwortel, maar heeft een heel eigen aroma en wordt als smaakmaker gebruikt o.a. soepen en currypasta's. In Nederland beter bekend als poeder. Voor Thaise gerechten dient u verse Kga te gebruiken. Dit kunt u in vrijwel elke toko vinden. 
 

 

 

Van kra-chai worden de geel-bruine wortels gebruikt. De wortel wordt op dezelfde wijze verwerkt als verse gember: er worden vrij dunne reepjes van gesneden bij het roerbakken of koken van o.a. Thaise wildgerechten. Het kruid heeft een onmiskenbare geur en een vrij sterke smaak. Door het toevoegen van kra-chai wordt bijvoorbeeld een visgerecht met een te sterke smaak of geur, veel subtieler van smaak. 
 

 

Kratiem: Het is in Thailand een veel gebruikt kruid. Bekend zijn de gerechten roergebakken met knoflook en oestersaus. In veel roerbakgerechten vormt knoflook een subtiel onderdeel van de toegevoegde kruiden.De knoflook uit Thailand is minder sterk van smaak dan in Nederland.
 

Pak Chee: Verse bladkoriander is het bekendste kruid uit de Thaise keuken. Een kruid dat een onmiskenbare indruk achterlaat. Verse bladkoriander wordt gebruikt in soepen en salades. In de soep wordt het niet meegekookt, maar pas op het allerlaatste moment toegevoegd. Bij het opdienen valt de geur dan ook direct op. Kom je in Thailand zelf, dan is de geur altijd en overal aanwezig.


Prik kee noo: 'Prik' betekent peper, terwijl 'kee noo' letterlijk 'muizenkeutel' betekent. Pepers worden hoofdzakelijk vers gebruikt. Dit geeft een zeer pittige smaak aan gerechten, zoals soepen, salades en roerbak gerechten. 

 

 

 

Yira (komijn): Wordt gebruikt voor de smaak of als toegevoegd kruid in currypasta's. Yira is in de Thaise keuken minder nadrukkelijk.


 

Maeng lak (grauwe of Griekse basilicum): Dit type basilicum is minder gangbaar dan baai kra prow of baai horapaa. Het is een plantje met kleine bladeren en de smaak doet denken aan die van gewone basilicum. Dit kruid wordt rauw gegeten bij het eten of als smaakmaker toegevoegd aan gerechten, met name aan soepen en salades. 


 

 

Ma krut (bergamot): De schil, het sap en het blad van deze vrucht wordt in Thailand gebruikt voor een zure, scherpe smaak. De schil wordt vooral in currypasta's verwerkt.
 

 

 

Kha min (geelwortel): Dit is de gele wortelstok van een plant die familie is van de gember. Dit kruid, met een vrij zachte smaak en geur, wordt in de Thaise keuken als kleur- en smaakmaker gebruikt in currypasta's.